Waar de woorden van gisteren er zeker waren, maar nooit het verhaal van die dag juist konden weergeven, hebben we gisteren uiteraard meer meegemaakt. Vanuit Auschwitz-Birkenau rijden we in twee-en-halve uur naar onze laatste Poolse stad van deze vakantie; Wrocław. We zijn nog steeds sprakeloos van de dag en hebben weinig te vertellen over de rest van de dag. Het hotel is okayish, het Thais eten is heerlijk en de tijd vroeg, terwijl we opstaan deze dag, maar ook naar bed gaan. Verder maken we niet veel mee van Wrocław, buiten het hotel, het restaurant en een paar kroegen om.
Rond 11 uur rijden we vandaag weg uit Wrocław, doen we na een half uur en vlak voor de grens met Duitsland een oplaadbeurt en rijden we rond een uur of twee rijden we het land in wat ons scheidt tussen Polen en ons eigen Nederland, beter gezegd Deventer. En dan rijden we onze BMW in de Juwelendoos van Saksen. En het blijkt een Juweel te zijn, misschien wel de kers op de taart van deze vakantie. Het begint natuurlijk met het hotel. We slapen in het Paleis van Taschenberg en het is fantastisch mooi. De kamer is ook een paleisje en ik kan me niet herinneren hoevaak we in deze doolhof van gangen en verdiepingen de weg zijn kwijt geraakt. Hoe WimLex en Max dat doen, is me een raadsel.
Maar niet alleen het hotel, ook de rest van de stad is geweldig. Met recht een Juweel, waarbij de Zwinger en de Frauenkirche de absolute hoofdrol spelen in een stad die ooit als bijstad fungeerde van het Poolse-Litauwse Gemenebest, waar de prinsen en prinsessen resideerde van het Gemenebest. Hier voelen, wij prinsen, ons natuurlijk opperbest. Maar verwonderlijker is het dat het pas na de val van de muur, het gordijn en de Unie, al deze, nu, prachtige gebouwen werden herbouwd. Het hotel waarin we nu resideren was tot 1993 een gebombardeerd bouwval.
We genieten van deze laatste dag en van dit laatste hotel. We overwegen zelfs om ons een dag langer te wanen in het paleis. Maar het gezonde verstand overheerst en we weten dat een zondag ons sneller naar Deventer gaat brengen, dan een maandag. Helaas eten we onze laatste avondmaal in Duitsland matig, maar met zoveel culinaire hoogtepunten de afgelopen weken is dat geen probleem, slechts jammer.
In bar 1705, de oprichtingsdatum van Paleis Taschenberg, eindigen we deze dag. Terwijl we meimeren over wat we hebben meegemaakt de afgelopen drie weken. En dat is goed, want het gaat me helpen bij het laatste verhaal van de Baltic Way Home. We gaan nog een biertje doen en vleien ons als prinsen op de heerlijke bedden in de paleiskamer van Paleis Taschenberg in de Juwelendoos van de staat Saksen; Dresden. Wat een fantastisch einde. Morgen naar het juweel van Nederland; Daventria.